Translate

Raglantrui haken

trui met aangehaakte raglanmouwen, rondhaken, haakpatroon
Trui met aangemaakte raglanmouwen


De trui wordt van boven naar beneden gehaakt vanaf de hals in een stuk. De raglanmouwen haak je er direct aan vast.
Deze trui is gehaakt met naald 6. voor de kraag en de boordranden heb ik haaknaald 5 gebruikt. De maat is medium.


Je kunt op 2 manieren starten.

  • Maak een opzetring met haaknaald 6 en meet dit over je hoofd. De kraag moet soepel vallen en niet te strak zitten. Pas hierop het aantal steken aan, zolang ze maar deelbaar zijn door 4.
    Haak de volgende toer stokjes met haaknaald 5. Begin met 3 opzetlossen, haak stokjes en eindig met een halve vaste in deze lossen aan het einde van de toer.
    Haak verder vanaf nummer 2 hieronder.
 Of start op deze manier:
  1. Al hakend met naald 5 de hals opzetten met stokjes. In totaal 80 stokjes. Sluit met een halve vaste tot een ring. Zet je liever met lossen een beginrij op, haak dan in de volgende toer halve stokjes op de lossen.
  2. 3 lossen. Haak verder in reliefstokjes zodat je een boordsteek krijgt. Boordsteek is een reliëfstokje voor en het volgende een reliëfstokje achter. Herhaal tot het einde. Sluit met hv in de opzetlossen.
  3. Herhaal toer 2
  4. Ga verder met haaknaald 6: 3 lossen. Sla 1 stokje over, haak 2 stokjes in het volgende stokje. Sla steeds 1 stokje over en haak 2 stokjes in een stokje. Zo krijg je groepjes van 2 stokjes. Dit is het V-patroon.
  5. De hals wordt nu in 4 gelijke stukken van 20 stokjes verdeeld. Haak 3 opzetlossen. Haak 4 groepjes van 2 stokjes. *Haak 1 stokje, 2 lossen, 1 stokje*. Dit is een hoek. Je maakt in totaal 4 hoeken. *Haak 9 groepjes van 2 stokjes. Maak een hoek.* Herhaal * * nog 3 keer. Haak 4 groepjes van 2 stokjes. 1 stokje naast de 3 opzetlossen en eindig met een halve vaste in de opzetlossen. (80 steken)
  6. 3 lossen. Haak 2 stokjes in het midden van de 2 stokjes van de vorige toer. Dit is een groepje. *Haak groepjes tot je bij de hoek van 2 lossen bent. Haak 2 stokjes onder de 2 lossen van de hoek. 2 lossen, 2 stokjes*. Herhaal dit tot je weer bij het begin bent. Eindig met 1 stokje en een halve vaste in de opzetlossen. (88 steken)
  7. 3 lossen.  *Haak groepjes tot je bij de hoek van 2 lossen bent. 1 stokje, 2 lossen, 1 stokje.* Herhaal dit tot je weer bij het begin bent. Eindig met 1 stokje en een halve vaste in de opzetlossen.
trui met aangehaakte raglanmouwen, rondhaken, haakpatroon

In elke toer meerder je op deze manier 8 steken. Herhaal de toeren 6 en 7 tot je in totaal 176 steken hebt, of zoveel als nodig is voor jouw maat. Het aantal blijft deelbaar door 4. Alle 4 de delen blijven even groot.
Pas het regelmatig om een juiste maat te krijgen. Ik ga af op de schouderbreedte van de pas. Als deze breed genoeg is en mooi op de schouder aansluit, begin je aan het voor– en achterpand. Deze worden rond gehaakt, de mouwen haak je later direct aan de trui vast. Hecht de draad af en haak hem weer vast bij een hoek. Twee hoeken vormen de mouwopening aan de ene kant, de andere twee vormen de tweede mouwopening.
Je haakt nu eerst verder op het voor–  en achterpand.

Voor –  en achterpand
Hecht een nieuwe draad aan. 3 lossen, haak 2 stokjes in het volgende stokjesgroepje. Haak groepjes verder tot de volgende hoek. 6 lossen, 2 stokjes in een hoek. Haak stokjesgroepje tot aan de volgende hoek. Bij de volgende hoek 6 lossen, 1 stokje en eindig met een halve vaste in de opzetlossen.
Je hebt nu 44+6+44+6=100 stokjes
3 lossen, 1 stokje, 2 stokjes in de volgende groepjes. Haak om de 6 lossen in de hoek van de mouw, 6 stokjes. Deze vormen bij de volgende toer weer 3 groepjes van 2 stokjes.
Je blijft in het rond haken. Maak geen steken bij en minder ook niet. Je haakt door tot de trui de gewenste lengte heeft bereikt. Aan de onderkant komt nog een rand van 6 toeren reliëfstokjes, houd daar rekening mee bij het bepalen van de lengte.

trui met aangehaakte raglanmouwen, rondhaken, haakpatroon
Boordrand
Voor deze trui heb ik ervoor gekozen om hem zonder boord aan de onderkant af te werken omdat de trui mooi aansluit. Als je de panden iets breder hebt gemaakt, kun je met een boordrand de trui aan de onderkant aan laten sluiten.
Om een mooie boordrand te krijgen, haak je een paar toeren reliëfstokjes met een kleinere haaknaald.

Mouwen
  1. Haak een nieuwe draad aan in het midden van de oksel van de mouw. Dit is in het middelste stokje van de drie groepjes die je bij hebt gemaakt.
    3 opzetlossen, 1 stokje, 2 stokjes in elk stokjesgroepje. Eindig met een halve vaste in de opzetlossen. (56 stokjes)
  2. 3 lossen, 1 stokje. Haak nu 2 stokjes samen in het volgende groepje: haak het eerste stokje half zodat er 2 omslagen op de haaknaald blijven staan. Haak het volgende stokje half tot er 3 omslagen staan. Haal deze in een keer door. Zo maak je van 2 stokjes 1 stokje en minder je een steek op een manier die past in het patroon. Haak de toer nu normaal verder tot het laatste groepje. Minder hier op dezelfde manier 1 stokje. Eindig met een halve vaste in de opzetlossen. Minderen doe je altijd aan beide kanten van het midden aan de onderkant van de mouw. (54 st)
  3. In de volgende toer haak je de mindering als 1 stokje. Minder nu in het volgende groepje 1 stokje door 2 stokjes samen te haken. Zo ook aan het einde, voor de eerdere mindering. (52 st)
  4. De volgende toer maak je van beide minderingen 1 stokje door ze samen te haken. Zo ook aan het einde. (50 st)
  5. Minder op deze manier in elke toer 2 stokjes tot je een gewenste breedte van de mouw hebt. In mijn geval 38 stokjes.
  6. Haak de mouw nu verder zonder te minderen tot de gewenste lengte. De boordrand telt 6 toeren.
  7. Voor de boordrand minder je verdeeld over de toer 4 steken. Haak de boord met naald 5 zodat hij mooi aansluit.
trui met aangehaakte raglanmouwen, rondhaken, haakpatroon

Na het wegwerken van de losse draadjes is je trui klaar. Je hoeft geen naden aan elkaar te zetten, dat is het fijne van dit model.

Veel plezier met haken!





Geen opmerkingen:

Een reactie posten